Neem contact op. We bellen je vrijblijvend op en ontvangt persoonlijk advies voor jouw hulpvraag.
Persoonlijkheidsstoornis
Behandeling bij iPractice
Persoonlijkheidsproblematiek vraagt in veel gevallen om een langdurige en specialistische behandeling. Dit past niet bij de behandelwijze van iPractice.
Wel kunnen we helpen wanneer de hulpvraag concreet en afgebakend is en de persoonlijkheidskenmerken hanteerbaar zijn. In dat geval bieden we kortdurende behandeling, gericht op het verminderen van klachten en het versterken van praktische vaardigheden. We behandelen op basis van jouw klachten en hulpvraag, stellen geen diagnose en schrijven geen medicatie voor.
We bieden geen volledige schematherapie, maar gebruiken, waar passend, onderdelen hiervan binnen de behandeling. Wanneer blijkt dat een intensiever of langduriger traject beter aansluit, denken we met je mee over passende vervolgstappen.
Wat is een persoonlijkheidsstoornis?
Een persoonlijkheidsstoornis is een psychische aandoening waarbij iemands denk- en gedragspatronen aanhoudend afwijken van wat in de cultuur als ‘normaal’ wordt beschouwd. Volgens de definitie van het diagnostisch handboek DSM-5 gaat het om langdurige patronen van innerlijke ervaringen en gedragingen die significant afwijken van de verwachtingen binnen iemands cultuur, rigide en overheersend zijn, en leiden tot lijden of beperkingen.
Onze persoonlijkheid bestaat uit relatief stabiele eigenschappen die bepalen hoe we denken, voelen en met anderen omgaan. Bij een persoonlijkheidsstoornis zijn deze patronen echter zo star en onaangepast dat ze problemen veroorzaken in verschillende levensdomeinen. Het verschil met ‘gewoon’ lastige karaktertrekken zit vooral in de mate van lijden en disfunctioneren die ze veroorzaken.
Persoonlijkheidsstoornissen komen relatief vaak voor – naar schatting heeft ongeveer 10-13% van de Nederlandse bevolking er in enige vorm mee te maken. De impact op het dagelijks leven kan aanzienlijk zijn, met problemen in relaties, werk, en algemeen welbevinden. Veel mensen met deze aandoeningen ervaren een constant gevoel van innerlijke strijd en moeite om zich aan te passen aan sociale verwachtingen.
Symptomen en signalen van een persoonlijkheidsstoornis
De symptomen van een persoonlijkheidsstoornis manifesteren zich op verschillende gebieden en zijn vaak al vroeg in het leven aanwezig, maar worden vaak pas in de volwassenheid als problematisch herkend.
Emotionele symptomen
- Extreme emotionele reacties of juist emotionele afvlakking
- Stemmingswisselingen en impulsiviteit
- Chronische gevoelens van leegte of verveling
- Intense angst voor verlating of afwijzing
- Moeite met het reguleren van emoties
Gedragsmatige symptomen
- Impulsief of risicovol gedrag
- Rigide vasthouden aan regels of patronen
- Zelfdestructief gedrag zoals zelfverwonding
- Ontwijkend gedrag in sociale situaties
- Manipulatief of dwingend gedrag
Sociale symptomen
- Moeite met het onderhouden van stabiele relaties
- Overgevoeligheid voor kritiek of afwijzing
- Gebrek aan empathie of juist overmatige betrokkenheid
- Sociale isolatie of afhankelijkheid
- Tegenstrijdige of onvoorspelbare reacties in sociale situaties
Vroege signalen zijn vaak al zichtbaar in de adolescentie, zoals moeite met identiteitsontwikkeling, extreme emotionele reacties op alledaagse situaties, of terugkerende problemen in vriendschappen. Veel mensen negeren deze symptomen echter langdurig, vaak omdat ze denken dat “zo zijn ze nu eenmaal” of omdat ze de problematiek toeschrijven aan andere oorzaken zoals stress, depressie of angststoornis.
Het herkennen van deze patronen is essentieel voor tijdige hulp, vooral wanneer ze een consistent patroon vormen dat het functioneren belemmert.
Oorzaken en risicofactoren
Een persoonlijkheidsstoornis ontstaat vrijwel nooit door één enkele oorzaak, maar door een complexe wisselwerking tussen verschillende factoren:
Genetische aanleg
Onderzoek toont aan dat bepaalde persoonlijkheidsstoornissen gedeeltelijk erfelijk zijn. Sommige mensen hebben een genetische kwetsbaarheid die het risico verhoogt, vooral bij stoornissen zoals de borderline en antisociale persoonlijkheidsstoornis. Deze erfelijke component bepaalt niet het lot, maar vergroot wel de gevoeligheid voor het ontwikkelen van problematische patronen onder bepaalde omstandigheden.
Opvoeding en jeugdtrauma
De omgeving waarin iemand opgroeit speelt een cruciale rol. Verwaarlozing, mishandeling, trauma of een inconsistente opvoedstijl kunnen een grote impact hebben op de ontwikkeling van persoonlijkheidsstructuren. Kinderen die opgroeien zonder veilige hechtingsrelaties of met traumatische ervaringen lopen een verhoogd risico op het ontwikkelen van een persoonlijkheidsstoornis.
Biologische factoren
Afwijkingen in hersenstructuren en neurotransmitter-systemen, vooral in gebieden die emotieregulatie en impulscontrole beheersen, kunnen bijdragen aan persoonlijkheidsstoornissen. Onderzoek toont aan dat deze biologische factoren zowel aangeboren kunnen zijn als kunnen ontstaan door omgevingsinvloeden tijdens de ontwikkeling.
Levensgebeurtenissen
Ingrijpende gebeurtenissen, vooral tijdens vormende levensfasen, kunnen een persoonlijkheidsstoornis triggeren of verergeren. Het gaat hierbij niet alleen om jeugdtrauma’s, maar ook om latere ervaringen zoals ernstig verlies, langdurige stress of grote levensveranderingen.
Het is belangrijk te benadrukken dat persoonlijkheidsstoornissen niet ontstaan door een “zwak karakter” of gebrek aan wilskracht. Het gaat om complexe patronen die zich ontwikkelen door een samenspel van factoren waar de persoon zelf vaak weinig invloed op heeft gehad.
Hoe wordt een persoonlijkheidsstoornis vastgesteld?
De diagnostiek van een persoonlijkheidsstoornis is een zorgvuldig proces dat tijd kost en door professionals wordt uitgevoerd. Anders dan bij veel andere aandoeningen is er geen bloedtest of scan die uitsluitsel geeft.
Het diagnostisch proces
De diagnose begint meestal met een uitgebreid intakegesprek waarin de psycholoog of psychiater de huidige klachten, ontwikkelingsgeschiedenis en patronen in relaties in kaart brengt. Dit wordt vaak gevolgd door gestructureerde klinische interviews en gestandaardiseerde vragenlijsten die specifiek zijn ontworpen om persoonlijkheidsproblematiek te meten.
Observatie speelt ook een belangrijke rol – hoe iemand zich gedraagt tijdens gesprekken, hoe hij of zij omgaat met emoties en communiceert met de behandelaar kan waardevolle diagnostische informatie opleveren.
DSM-5 criteria
Voor een officiële diagnose hanteren professionals de criteria uit het diagnostisch handboek DSM-5. Deze criteria beschrijven specifieke patronen van denken, voelen en gedragen die kenmerkend zijn voor verschillende persoonlijkheidsstoornissen. Voor een diagnose moet sprake zijn van langdurige problematiek die zich manifesteert op meerdere levensgebieden en die leidt tot significant lijden of beperkingen in het functioneren.
Rol van psycholoog/psychiater
Een persoonlijkheidsstoornis kan alleen worden vastgesteld door een gekwalificeerde professional, zoals een GZ-psycholoog, klinisch psycholoog of psychiater. Zij hebben de expertise om onderscheid te maken tussen verschillende stoornissen en andere psychische problematiek die vergelijkbare symptomen kan vertonen.
Zelftest en wanneer hulp zoeken
Hoewel online zelftests een eerste indicatie kunnen geven, kunnen ze nooit een professionele diagnose vervangen. Het is raadzaam professionele hulp te zoeken als je:
- Herhaaldelijk tegen dezelfde problemen aanloopt in relaties of werk
- Moeite hebt met het reguleren van je emoties
- Patronen van gedrag vertoont die jezelf of anderen schaden
- Het gevoel hebt vast te zitten in destructieve gedachtepatronen
- Chronische gevoelens van leegte, identiteitsverwarring of extreme angst ervaart
Twijfel je of je klachten passen bij een persoonlijkheidsstoornis? Doe een intakegesprek bij iPractice voor een professionele beoordeling en persoonlijk advies.
Verschillende typen persoonlijkheidsstoornissen
Persoonlijkheidsstoornissen worden in de DSM-5 ingedeeld in drie clusters, elk met onderscheidende kenmerken. Deze indeling helpt behandelaars om patronen te herkennen, maar in de praktijk vertonen mensen vaak kenmerken uit meerdere clusters.
Cluster A (excentriek en zonderling gedrag)
Dit cluster omvat stoornissen die gekenmerkt worden door vreemd of excentriek gedrag:
- Paranoïde persoonlijkheidsstoornis: Mensen met deze stoornis zijn extreem wantrouwend en vermoeden voortdurend kwade bedoelingen bij anderen, zonder gegronde redenen.
- Schizoïde persoonlijkheidsstoornis: Deze personen hebben weinig behoefte aan sociale relaties en tonen een beperkt spectrum aan emoties. Ze verkiezen alleen-zijn en hebben weinig interesse in intieme relaties.
- Schizotypische persoonlijkheidsstoornis: Gekenmerkt door ongewoon gedrag, vreemde gedachten en spraakpatronen, en ongemak in sociale situaties. Er kan sprake zijn van magisch denken en ongewone perceptuele ervaringen.
Cluster B (dramatisch, emotioneel, impulsief gedrag)
Dit cluster omvat stoornissen met emotioneel instabiel, dramatisch en onvoorspelbaar gedrag:
- Borderline persoonlijkheidsstoornis: Gekenmerkt door intense emotionele instabiliteit, impulsiviteit, een verstoord zelfbeeld en problematische relaties met extreme angst voor verlating.
- Narcistische persoonlijkheidsstoornis: Mensen met deze stoornis hebben een opgeblazen gevoel van eigenwaarde, behoefte aan bewondering en een gebrek aan empathie. Ze zijn vaak preoccupied met fantasieën over succes en hebben een sterk gevoel van recht hebben op voorkeursbehandeling.
- Antisociale persoonlijkheidsstoornis: Gekenmerkt door een patroon van het negeren van andermans rechten, gebrek aan berouw, liegen, impulsiviteit en soms agressief gedrag.
- Theatrale persoonlijkheidsstoornis: Deze personen vertonen overdreven emotionele expressie, aandachtzoekend gedrag, en worden sterk beïnvloed door anderen met een sterke behoefte om in het centrum van de belangstelling te staan.
Cluster C (angstig, teruggetrokken gedrag)
Dit cluster omvat stoornissen met angstig en vermijdend gedrag:
- Vermijdende persoonlijkheidsstoornis: Gekenmerkt door gevoelens van ontoereikendheid, extreme gevoeligheid voor kritiek en sociale terughoudendheid uit angst voor afwijzing.
- Afhankelijke persoonlijkheidsstoornis: Mensen met deze stoornis hebben een overmatige behoefte verzorgd te worden, onderdanig gedrag en angst voor scheiding. Ze hebben moeite met zelfstandig beslissingen nemen.
- Obsessief-compulsieve persoonlijkheidsstoornis: Gekenmerkt door een preoccupatie met ordelijkheid, perfectionisme en controle, ten koste van flexibiliteit en efficiëntie.
Andere gespecificeerde stoornissen
Naast de officiële categorieën bestaan er ook mengvormen en specifieke persoonlijkheidsstoornissen die niet precies in de bestaande categorieën passen. De diagnose “andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis” wordt gebruikt wanneer iemand duidelijke kenmerken van een persoonlijkheidsstoornis vertoont, maar niet volledig aan de criteria voor een specifieke stoornis voldoet.
Persoonlijkheidsstoornissen komen bovendien vaak samen voor met andere psychische aandoeningen zoals depressie, angststoornis of burn-out, wat de diagnose en behandeling complexer kan maken. Deze comorbiditeit vraagt om een geïntegreerde behandelaanpak die alle aspecten van de problematiek adresseert.
Behandelingsmogelijkheden bij een persoonlijkheidsstoornis
Hoewel persoonlijkheidsstoornissen als relatief stabiel worden beschouwd, betekent dit niet dat verbetering onmogelijk is. Met de juiste behandeling kunnen mensen aanzienlijke vooruitgang boeken in hun functioneren en levenskwaliteit.
Psychotherapie
Psychotherapie vormt de kern van de behandeling bij persoonlijkheidsstoornissen. Verschillende evidence-based therapievormen hebben hun effectiviteit bewezen:
- Cognitieve gedragstherapie (CGT): Deze therapie richt zich op het identificeren en veranderen van disfunctionele gedachtepatronen en gedragingen. CGT helpt mensen om bewuster te worden van automatische negatieve gedachten en leert hen alternatieve, meer adaptieve manieren van denken en reageren.
- Schematherapie: Deze therapievorm, speciaal ontwikkeld voor persoonlijkheidsstoornissen, identificeert en behandelt diepgewortelde negatieve patronen (‘schema’s’) die in de jeugd zijn ontstaan. Schematherapie integreert elementen uit verschillende therapievormen en richt zich op de onvervulde emotionele basisbehoeften die ten grondslag liggen aan problematische patronen.
- Mentalization-Based Therapy (MBT): Deze therapie helpt mensen om beter te begrijpen wat er in hun eigen geest en die van anderen omgaat. Door dit inzicht kunnen ze hun emoties beter reguleren en interpersoonlijke relaties verbeteren.
- Dialectische gedragstherapie (DGT): Oorspronkelijk ontwikkeld voor borderline persoonlijkheidsstoornis, richt DGT zich op het verbeteren van emotieregulatie, interpersoonlijke effectiviteit, mindfulness en stresstolerantie.
Medicatie
Medicatie kan ondersteunend werken bij de behandeling van specifieke symptomen zoals depressie, angst of stemmingswisselingen. Het is echter belangrijk te beseffen dat er geen medicijnen bestaan die een persoonlijkheidsstoornis zelf genezen. Medicatie wordt daarom vrijwel altijd gecombineerd met psychotherapie.
Multidisciplinaire aanpak
Vanwege de complexiteit van persoonlijkheidsstoornissen is een multidisciplinaire benadering vaak het meest effectief. Hierbij werken verschillende professionals samen, zoals een psycholoog, psychiater, maatschappelijk werker en/of vaktherapeut. Deze samenwerkende aanpak zorgt ervoor dat alle aspecten van de problematiek worden geadresseerd.
Prognose en herstel
Herstel van een persoonlijkheidsstoornis is een geleidelijk proces dat tijd vraagt. Het doel is niet zozeer het “genezen” van de persoonlijkheid, maar het ontwikkelen van meer adaptieve patronen en betere copingstrategieën. Met toegewijde therapie kan een aanzienlijke verbetering in symptomen en levenskwaliteit worden bereikt. Onderzoek toont aan dat veel mensen na therapie beter functioneren in relaties, werk en algemeen welbevinden.
Geduld is hierbij essentieel – veranderingen in diepgewortelde patronen gebeuren niet overnight. Therapie vraagt om commitment en actieve betrokkenheid, maar de resultaten kunnen levensveranderend zijn.
Leven met een persoonlijkheidsstoornis: tips en ondersteuning
Het dagelijks leven met een persoonlijkheidsstoornis kan uitdagend zijn, maar er zijn verschillende manieren om het functioneren te verbeteren en de kwaliteit van leven te verhogen.
Praktische tips voor het dagelijks leven
- Structuur en routine: Creëer voorspelbaarheid in je dagelijkse leven door vaste patronen te ontwikkelen voor slaap, maaltijden en activiteiten.
- Emotieregulatie: Leer technieken zoals diep ademhalen, mindfulness of korte time-outs om intense emoties te hanteren voordat ze escaleren.
- Sociale vaardigheden: Oefen met effectieve communicatie, zoals “ik-boodschappen” en actief luisteren, om relaties te verbeteren.
- Zelfzorg: Zorg voor een gezonde levensstijl met voldoende beweging, gezonde voeding en ontspanning om je emotionele weerbaarheid te versterken.
- Grenzen stellen: Leer je eigen grenzen herkennen en respecteren, en communiceer deze duidelijk naar anderen.
Steun voor naasten
Als naaste van iemand met een persoonlijkheidsstoornis kan het waardevol zijn om:
- Educatie te zoeken over de specifieke stoornis om gedrag beter te begrijpen
- Deel te nemen aan familiesessies of -therapie om communicatie te verbeteren
- Zelf ondersteuning te zoeken via lotgenotengroepen of therapie
- Realistische verwachtingen te hebben en ook goed voor jezelf te zorgen
Terugvalpreventie
Herstel is vaak geen rechtlijnig proces. Terugvallen kunnen deel uitmaken van het hersteltraject. Het helpt om:
- Vroege waarschuwingssignalen te herkennen
- Een crisisplan te hebben voor moeilijke periodes
- Contact te houden met behandelaars, ook na afronding van de intensieve therapie
- Geleerde vaardigheden te blijven oefenen en implementeren
Hoe iPractice kan helpen
Het is raadzaam professionele hulp te zoeken als je of iemand in je omgeving:
- Herhaaldelijk vastloopt in dezelfde patronen van relatieproblemen of conflicten
- Moeite heeft met het reguleren van emoties, wat leidt tot impulsief of zelfdestructief gedrag
- Intense angst ervaart bij normale sociale situaties
- Extreme reacties heeft op (dreigende) verlating of afwijzing
- Chronische gevoelens van leegte, identiteitsverwarring of een intens zelfbeeld ervaart
- Problemen ervaart op meerdere levensgebieden (relaties, werk, sociaal functioneren)
Onthoud dat hulp zoeken een teken van kracht is, niet van zwakte. Hoe eerder je stappen zet, hoe beter de prognose vaak is.
Herken je jezelf in deze signalen? Maak vandaag nog een afspraak voor een intake bij iPractice. Onze psychologen zijn gespecialiseerd in persoonlijkheidsstoornissen en helpen je graag op weg naar herstel.
-
-
Bij iPractice werken we met Blended Care. Dat wil zeggen dat je zowel online (via videochat) als offline (op één van onze locaties) begeleiding krijgt. De online psycholoog is er voor jou tussen de sessies door. Lees meer over de intake en behandeling bij iPractice.
-
CGT is de meest gebruikelijke therapie bij een persoonlijkheidsstoornis. Gemiddeld duurt een behandeling bij ons 3 tot 6 maanden, waarbij je 8 sessies hebt met een psycholoog en tussendoor online begeleiding.
-
Pas als er sprake is van klachten die passen bij een diagnose volgens de DSM-classificatie wordt de behandeling door zorgverzekeraars vergoed. Lees meer over vergoedingen en kosten.
Veelgestelde vragen
Een persoonlijkheidsstoornis kenmerkt zich door langdurige, diepgewortelde patronen in denken, voelen en gedragen die afwijken van culturele verwachtingen en leiden tot problemen in het functioneren. Deze patronen zijn relatief stabiel en beginnen meestal in de adolescentie of vroege volwassenheid. Een stemmingsstoornis zoals depressie of bipolaire stoornis daarentegen, betreft specifieke episoden waarin de stemming significant afwijkt van iemands normale functioneren. Stemmingsstoornissen komen en gaan vaak in episodes, terwijl persoonlijkheidsstoornissen langdurig en persistent zijn. Het is echter belangrijk om te weten dat beide vaak samen voorkomen – veel mensen met een persoonlijkheidsstoornis ervaren ook periodes van depressie of andere stemmingsproblemen.
Persoonlijkheidsstoornissen verbeteren zelden volledig zonder professionele hulp. Bij sommige mensen nemen bepaalde symptomen af met de jaren, maar diepgewortelde patronen blijven vaak bestaan zonder begeleiding. De patronen zijn diep verankerd en hebben zich over jaren ontwikkeld, waardoor ze moeilijk zelfstandig te doorbreken zijn. Sommige symptomen kunnen wel verminderen met de leeftijd – bijvoorbeeld kan impulsiviteit bij borderline persoonlijkheidsstoornis afnemen naarmate mensen ouder worden. Echter, zonder behandeling blijven de onderliggende patronen vaak intact en kunnen ze blijven leiden tot lijden en functioneringsproblemen. Gerichte behandeling vergroot de kans op significante verbetering aanzienlijk en kan het verschil maken tussen ‘overleven’ en echt ‘leven’.
Het herkennen van een persoonlijkheidsstoornis bij iemand anders is complex, aangezien de signalen subtiel kunnen zijn of verward kunnen worden met andere problemen. Mogelijke aanwijzingen zijn: aanhoudende patronen van problematische relaties, extreme reacties op alledaagse situaties, rigide denken of gedrag, moeite met het reguleren van emoties, en een consistent beeld van problemen op meerdere levensgebieden. Het is echter belangrijk om niet zelf te diagnosticeren – alleen een gekwalificeerde professional kan een persoonlijkheidsstoornis vaststellen na een zorgvuldig diagnostisch proces. Als je je zorgen maakt over iemand, is het beter om empathisch te zijn en aan te moedigen professionele hulp te zoeken dan een ‘diagnose’ te suggereren.
Onderzoek toont aan dat er een genetische component bestaat bij persoonlijkheidsstoornissen, maar deze is niet allesbepalend. Er is sprake van een genetische kwetsbaarheid of aanleg die de kans op het ontwikkelen van een persoonlijkheidsstoornis vergroot, vooral wanneer deze samengaat met ongunstige omgevingsfactoren zoals trauma of een problematische opvoeding. De erfelijkheidsgraad verschilt per stoornis – sommige, zoals de antisociale persoonlijkheidsstoornis, hebben een sterkere genetische component dan andere. Het is echter belangrijk te benadrukken dat genetische aanleg niet betekent dat iemand gedetermineerd is om een persoonlijkheidsstoornis te ontwikkelen; de interactie tussen genen en omgeving is complex en biedt ruimte voor preventie en interventie.
De effectiviteit van therapie hangt sterk af van het type persoonlijkheidsstoornis en individuele factoren. Over het algemeen hebben verschillende gespecialiseerde psychotherapeutische benaderingen bewezen effectief te zijn:
- Schematherapie is bijzonder effectief gebleken voor borderline en andere persoonlijkheidsstoornissen, vooral voor mensen die niet reageren op andere behandelingen.
- Dialectische gedragstherapie (DGT) is de meest onderzochte behandeling voor borderline persoonlijkheidsstoornis en toont goede resultaten voor emotieregulatie en zelfdestructief gedrag.
- Mentalization-Based Therapy (MBT) is effectief voor mensen die moeite hebben om hun eigen gedachten en gevoelens en die van anderen te begrijpen.
- Cognitieve gedragstherapie (CGT) kan effectief zijn, vooral voor vermijdende en obsessief-compulsieve persoonlijkheidsstoornissen.
- Psychodynamische therapie kan helpen bij het begrijpen van diepere patronen en onbewuste processen.
Het is vaak de therapeutische relatie – het vertrouwen en de band tussen therapeut en cliënt – die de sterkste voorspeller is van een succesvol resultaat, ongeacht de specifieke therapievorm.
De behandelduur voor een persoonlijkheidsstoornis varieert sterk en is afhankelijk van diverse factoren, waaronder het type stoornis, de ernst van de symptomen, en individuele omstandigheden. Over het algemeen is behandeling vaak langduriger dan bij andere psychische aandoeningen, omdat het gaat om het veranderen van diepgewortelde patronen. Een gemiddelde behandeling duurt vaak 1-3 jaar, maar kan korter of langer zijn. Het is belangrijk om te begrijpen dat de behandeling verschillende fasen kent – een intensievere beginfase kan worden gevolgd door minder frequente onderhoudssessies. Veel mensen ervaren al significante verbeteringen in de eerste 6-12 maanden van behandeling, ook al is het volledige herstelproces langer. Het doel is niet altijd volledige ‘genezing’, maar verbetering van de levenskwaliteit en het functioneren.
Als je vermoedt dat je kenmerken van een persoonlijkheidsstoornis hebt, zijn er verschillende constructieve stappen die je kunt nemen:
- Zoek informatie van betrouwbare bronnen over de specifieke patronen die je bij jezelf herkent.
- Houd een dagboek bij van situaties waarin je terugkerende problemen ervaart, inclusief je gedachten, gevoelens en gedrag.
- Zorg voor zelfcompassie – herken dat deze patronen niet je schuld zijn en dat het moedig is om hulp te zoeken.
- Zoek professionele hulp via je huisarts of direct bij een psychologenpraktijk zoals iPractice voor een professionele beoordeling.
- Overweeg zelfhulpgroepen of online forums waar je lotgenoten kunt ontmoeten, maar gebruik deze als aanvulling op professionele hulp, niet als vervanging.
- Maak gebruik van zelfhulpboeken en -apps die specifiek zijn ontwikkeld voor jouw vermoedelijke problematiek.
- Informeer je over behandelmogelijkheden zodat je een geïnformeerde keuze kunt maken.
Onthoud dat zelfdiagnose onbetrouwbaar kan zijn en dat een professionele assessment essentieel is voor een juiste diagnose en behandelplan.
Ja, het is mogelijk en zelfs relatief gebruikelijk dat iemand aan de criteria voor meerdere persoonlijkheidsstoornissen voldoet. In klinische studies blijkt dat ongeveer 50% van de mensen die gediagnosticeerd worden met één persoonlijkheidsstoornis, ook aan de criteria voor één of meer andere persoonlijkheidsstoornissen voldoen. Dit wordt ‘comorbiditeit’ genoemd. Bijvoorbeeld, iemand kan zowel kenmerken hebben van een borderline als van een vermijdende persoonlijkheidsstoornis. Deze overlap wordt soms gezien als een beperking van het huidige classificatiesysteem, en is één van de redenen waarom er ook naar dimensionele modellen voor persoonlijkheidsstoornissen wordt gekeken in plaats van naar strikt afgebakende categorieën. In de behandeling wordt meestal gefocust op de meest prominente of meest beperkende kenmerken, ongeacht de specifieke diagnoses.
De kosten voor behandeling van een persoonlijkheidsstoornis worden in Nederland grotendeels vergoed vanuit de basisverzekering. Behandeling valt onder de gespecialiseerde GGZ en is daarom onderhevig aan het wettelijk eigen risico (€385 in 2025). Afhankelijk van je zorgverzekeraar en polisvoorwaarden kan er sprake zijn van een eigen bijdrage of kunnen er restricties zijn in het aantal vergoede sessies of de behandelduur. Bij iPractice werken we samen met alle grote zorgverzekeraars en helpen we je graag met het uitzoeken van de vergoedingsmogelijkheden. Het is belangrijk om te weten dat je voor gespecialiseerde GGZ een verwijzing van je huisarts nodig hebt om in aanmerking te komen voor vergoeding. De totale kosten van een behandeltraject zijn sterk afhankelijk van de intensiteit en duur van de behandeling, maar dankzij het Nederlandse zorgstelsel vormen de kosten zelden een barrière voor adequate zorg.
De eerste stap naar hulp is het maken van een afspraak met je huisarts om je zorgen te bespreken. De huisarts kan een eerste beoordeling doen en je doorverwijzen naar gespecialiseerde GGZ waar een uitgebreide diagnostiek kan plaatsvinden. Je kunt ook direct contact opnemen met een psychologenpraktijk zoals iPractice voor een eerste intakegesprek. Tijdens dit gesprek wordt een inventarisatie gemaakt van je klachten en zorgbehoeften, en wordt bekeken welke vervolgstappen geschikt zijn. Het is belangrijk om eerlijk en open te zijn over je ervaringen en zorgen, ook al kan dit moeilijk zijn. Probeer vooraf na te denken over de patronen die je bij jezelf herkent en concrete voorbeelden te verzamelen van situaties waarin je problemen ervaart. Belangrijk om te onthouden: je hoeft niet 100% zeker te weten dat je een persoonlijkheidsstoornis hebt om hulp te zoeken – een professional kan je helpen om meer inzicht te krijgen in je klachten, ongeacht wat de uiteindelijke diagnose is.